Gedeputeerde Lambrechts investeert in 4 nieuwe Limburgse mobipunten

Op 26 februari 2021, over deze onderwerpen: Mobiliteit, provincieraad

Het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) kent 736.789 euro subsidie toe voor de realisatie van vier Hoppinpunten in Limburg. “Het provinciebestuur werkte samen met de gemeenten Hasselt, Houthalen-Helchteren, Peer en Pelt een projectvoorstel voor Europese steun uit. De vier Hoppinpunten liggen allemaal in de onmiddellijke omgeving van de Noord-Zuidverbinding. Het doel is om op korte termijn al bij te dragen aan vlottere en duurzamere mobiliteit op en rond deze belangrijke verkeersas voor Limburg”, zegt N-VA- gedeputeerde van Mobiliteit Bert Lambrechts.

Netwerk van hoogwaardige Hoppinpunten

Hoppinpunten, de nieuwe term in Vlaanderen voor mobipunten, zijn plaatsen waar je eenvoudig kunt overstappen van het ene vervoermiddel op het andere. De verschillende vervoersmogelijkheden worden daarbij niet langer beschouwd als elkaars concurrent, maar als complementair. Dat geldt voor het openbaar vervoer en deelsystemen maar ook voor de eigen fiets of zelfs auto.

“Hoppinpunten maken de vlotte overstap van het ene op het andere vervoermiddel aantrekkelijk. Die combi-mobiliteit geeft ons meer keuzemogelijkheid voor onze verplaatsingen. Wie geen eigen wagen ter beschikking heeft, krijgt meer vervoerskeuzes. Wie wel een wagen heeft, wordt er minder afhankelijk van. Dat zorgt voor minder files. Op een Hoppinpunt kan je immers elk moment van de dag gebruik maken van een deelsysteem”, zegt gedeputeerde Bert Lambrechts. 

Een Hoppinpunt is een toegangspoort tot het nieuwe openbaarvervoersnetwerk Basisbereikbaarheid dankzij toegankelijke en veilige halte(s). Om het duurzaam ‘hoppen’ te stimuleren, bieden de vier Hoppinpunten ook deelsystemen aan. De deelmobiliteit focust voornamelijk op fietsen, maar ook elektrische deelauto’s krijgen een plaats op elk Hoppinpunt. Er is een ruime parkeerplaats om je auto achter te laten en ook je fiets kun je veilig stallen.  Elk Hoppinpunt heeft een overdekte fietsenstalling en er zijn op elk mobipunt ook een aantal fietskluizen voor elektrische fietsen. Digitale infoborden helpen je om op elk moment snel en gemakkelijk de vervoerskeuze te maken die jou het beste uitkomt. De Hoppinpunten krijgen in heel Vlaanderen dezelfde stijl, zodat ze voor iedereen herkenbaar zijn.

Met ‘Hoppin’ steekt Vlaanderen alle beschikbare mobiliteitsoplossingen in één herkenbaar jasje, komende jaren wordt er gewerkt aan herkenbare Hoppinpunten in het straatbeeld. Deze legislatuur maakt de Vlaamse Regering meer dan 100 miljoen euro vrij voor zo’n 1000 vervoersknooppunten verspreid over Vlaanderen. Limburg en onze Limburgse lokale besturen hebben hier de unieke kans om op vlak van mobiliteit een voorsprong te nemen door hierop in te zetten en volop gebruik te maken van deze subsidies die voorzien zijn. Onder het mobiliteitsmerk ‘Hoppin’ komt er ook een website, een app en een mobiliteitscentrale. ‘Hoppin’ geeft op die manier de pendelaar alle vrijheid om gebruik te maken van verschillende vervoersopties zoals bus, (e-)fiets en deelsystemen en ze te combineren.

Netwerk langs drukke verkeersas

De vier Hoppinpunten komen aan de stations van Kiewit (Hasselt) en Neerpelt (Pelt), op het John Cuppensplein in het centrum van Houthalen en in de Stationsstraat (N73) in Wijchmaal (Peer). Ten laatste eind 2022 moeten de Hoppinpunten klaar zijn.

Daarnaast legt AWV Limburg in dezelfde periode nog een Hoppinpunt aan in Hechtel-Eksel en in Overpelt (Pelt). Op korte termijn ontstaat er dus  een netwerk van hoogwaardig uitgeruste Hoppinpunten rond de Noord-Zuidverbinding.

Samenwerking tussen overheidsniveaus

De Europese overheid lanceerde eind 2019 via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) een oproep om projecten in te dienen gericht op mobipunten van minstens regionale schaal.

Die oproep kwam er op een ogenblik dat de Limburgse Vervoerregio nog in de opstartfase zat. “Na overleg met verschillende actoren werd beslist om vanuit het provinciebestuur toch een projectvoorstel in te dienen, voor de realisatie van meerdere mobipunten op de Noord-Zuidas tussen Hasselt en Pelt.  Op die manier draagt het project ook bij tot het verduurzamen van de mobiliteit op deze drukke verkeersader”, aldus gedeputeerde Bert Lambrechts.

“Het maximale EFRO-subsidiebedrag per projectvoorstel bedraagt 750.000 euro. Met 736.789,20 euro steun zitten deze Hoppinpunten dicht tegen het maximumbedrag.”

Het Europees Fonds subsidieert hiermee 40 % van de totale kostprijs. Het provinciebestuur betaalt 20 %, goed voor 368.394,60 euro. De deelnemende gemeenten betalen telkens de resterende 40 % van de kostprijs voor het Hoppinpunt op hun grondgebied.

Dubbelslag

Gedeputeerde Lambrechts beklemtoont ook dat het binnenhalen van deze Europese steun niet alleen goed is voor de vier deelnemende gemeenten. “Eigenlijk slaan we een dubbelslag. Ten eerste realiseren we een quick-win voor de uitrol van basisbereikbaarheid op de belangrijke Noord-Zuidas in Limburg. Ten tweede zie ik als covoorzitter van de Vervoerregio deze Europese middelen ook als een belangrijk extra budget voor onze Vervoerregio. Indirect hebben alle gemeenten in onze vervoerregio hier baat bij.”

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is